repliek
“Meent ge dat ik op aarde vrede ben komen brengen? Neen, zeg Ik u, juist verdeeldheid” (Lc. 12, 51) Aan deze woorden van Jezus uit het evangelie van deze zondag moest ik denken toen ik in het Brabants Dagblad van 17 augustus de bijdragen las van Henk Peters en Tony van der Meulen naar aanleiding van het afscheid en de uitvaart van Mgr. Bluyssen.

Tony van der Meulen heb ik eens in een zwak moment “de azijnpissende oud-hoofdredacteur van het Brabants Dagblad” genoemd. Daar heeft hij nogal gebeten op gereageerd met een mail waaruit ik nu maar citeer: “Als u mijn columns goed had gevolgd dan wist u dat ik nimmer kritisch schrijf over gelovigen of over godsdienstige opvattingen van anderen. Waar ik wel kritisch over schrijf dat is de clerus en dan vooral uw categorie, de rabiaten. Helemaal schandalig is dat u in dit vrije land mij buitengewoon graag het woord zou willen ontnemen vanwege mijn leeftijd, 'waarom gaat hij eigenlijk niet echt met pensioen? ' Verder hoop ik nimmer af te glijden naar de verbale grofheden waartoe u zich steeds weer verlaagt. Als het waar is dat God liefde is, dan heeft Hij tzt nog een aardig appeltje met u te schillen.”

Wat ik schreef, was blijkbaar aangekomen! Volgens van der Meulen hoor ik tot “rabiaten” onder de clerus. Ik geloof niet dat ik ooit iets anders verkondigd heb dan wat de katholieke Kerk leert en gelooft. Mocht het onbedoeld anders zijn, zeg het en ik trek het ogenblikkelijk in. Het gaat mij om de waarheid die Christus is komen brengen en die de katholieke Kerk in een ononderbroken traditie verkondigt. Dat die waarheid vanaf het begin en ook nu op tegenstand stuit, is in bovengenoemd citaat al door Jezus voorzegd. In die zin is de kwalificering die Vermeulen van mij geeft, een evangelisch compliment. Hij noemt mij ”een bekende aartsconservatieve ruziezoeker uit Oss". Als je een voorvechter van de waarheid bent, dan zullen de voorstanders van de leugen zich tegen je verzetten: “drie zullen staan tegenover twee en twee tegenover drie”(Lc. 12, 52). De heer van der Meulen moet echter wel eerlijk zijn. Als hij iets heeft tegen de katholieke Kerk en haar leer, dan moet hij dat klip en klaar zeggen. Dan weten we waar we staan. Nu heeft hij het “over de dorre akkers van de onverdraagzaamheid van de Cor Mennens”. Deze woorden alleen al zijn niet bepaald toppunten van liefdevolle verdraagzaamheid. Maar daar kan ik wel me leven. Het is inderdaad zo dat de Kerk verdraagzaamheid preekt en verdedigt tegenover de meningen van andersdenkenden (zonder ze overigens goed te keuren) en ik sluit me daar van harte bij aan. Binnen haar schoot verwacht de Kerk echter loyaliteit ten aanzien van haar leer, haar sacramentenbediening en organisatie, respect ook jegens haar canonieke wetgeving. Ze kan moeilijk dulden dat haar gemeenschap van binnenuit ondergraven wordt. Dat kun je van geen enkele gemeenschap verwachten. Niemand is gedwongen lid. Je kunt er altijd vrij uitstappen. Wat van der Meulen doet, is vanaf de zijlijn kritiek leveren op de clerus die volgens hem “verbiederig en belerend geworden zijn, de controleurs van de regeltjes, de devote kaartjesknippers van de hemel”. Hij kiest duidelijk de kant van een groep oudere gelovigen die na het Concilie door hun seculariserende priesters ongemerkt weggepreekt  zijn van de leer van de Kerk en allergisch zijn gemaakt voor haar voorschriften. Bij die bloedeloze kerk ligt duidelijk zijn voorkeur. Van deze kerk waarin de waarheid van Christus niet meer zo van belang was maar meer het “fijne gevoel met elkaar” was mgr. Bluyssen het boegbeeld. Ik wil niet beweren dat mgr. Bluyssen het vage horizontale geloof van die kerk aanhing maar hij was in ieder geval weinig correctief. Dat was wel zijn taak als bisschop. Dit woord is immers afgeleid van het Griekse “episkopos” wat “toezichthouder”, “inspecteur” betekent. Hij had minstens even “verbiederig en belerend” moeten zijn als Jezus zelf, maar ook als de Kerk, die hem de handen had opgelegd en wier representant hij was.

De heer Henk Peters is mij, hoewel hij in Oss woont onbekend. Hij wordt geafficheerd als pastoraal werker, docent levensbeschouwing en lid van de centrale directie van de scholengemeenschap Het Hooghuis in Oss.
De beschrijving die hij van de uitvaart van mgr. Bluyssen geeft, past bij iemand die al jarenlang geen normale liturgie van de katholieke Kerk meer heeft meegemaakt. Hij is vervreemd  en weg gegroeid van de echte Kerk. Gezien zijn functies mag je verwachten dat de heer Peters een intellectueel is die theologie gestudeerd heeft. Dan verwacht je over de viering geen opmerking als zou het Concilie, dat de Kerk bij de tijd moest brengen, aan Den Bosch voorbij zijn gegaan. De liturgie was in vormgeving en uitvoering een perfect voorbeeld van de postconciliaire bisschoppelijke liturgie. Hier zijn de vernieuwde liturgische boeken nauwkeurig gevolgd. Ook in de postconcilaire liturgie (lees Sacrosanctum Concilium) staat nooit de mens maar altijd Christus centraal. En als de Kerk op 15 augustus het grootste Mariafeest viert, staat ook dan Christus centraal die zijn Moeder met ziel en lichaam tot in de hemel verheft. Op die dag mag er wel een uitvaart gehouden worden maar niet de uitvaartmis (Requiem) gevierd. De liturgie van de Tenhemelopneming prevaleert. Toch werd het in overleg met de familie toch 15 augustus omdat dit volgens de familie in de geest van de overleden bisschop zou zijn. Trouwens ook in de gewone uitvaartliturgie voor een overleden gelovige, is er niet zo’n grote plaats voor de overledene als dat in niet-christelijke uitvaarten gebruikelijk is en zoals heer Peters doet geloven. Tijdens de eucharistie wordt een enkele keer diens naam in de gebeden genoemd. De voorbeden zijn vooral voor hem en de familie (nu ook trouwens). Er kunnen lezingen uit het lectionarium voor de overledenen gekozen worden. Nu waren het de lezingen van het hoogfeest die overigen ook met de doorgang door de dood te maken hebben. De prefatie voor de overledenen was nu de prefatie van de Tenhemelopneming. Het aparte memento in het eucharistisch gebed was er ook nu. De kerk keurt om pastorale redenen bij de laatste aanbeveling ten afscheid een "in memoriam" goed. Dat was er nu ook. De familie heeft dit tot één spreker beperkt.

Ik weet wel dat op veel plaatsen, misschien ook in de kerk die de heer Peters kent, aan de overledene veel meer aandacht wordt besteed zodat het eerder een herinneringsviering is dan een katholieke uitvaart. Dat is echter in de postconciliaire uitvaartliturgie niet voorzien en eerder een misbruik of een uitwas te noemen.

Mgr. Hurkmans heeft op uitstekende wijze Mgr. Bluyssen herdacht. Voor wie wil kan die preek hier nalezen. Hij heeft er wel voor gezorgd dat niemand met mgr. Bluyssen aan de haal kon gaan zoals sommigen, waaronder de heer Peters, misschien graag gewild zouden hebben. Ze hadden hem graag afgezet tegen de kerkleiding nu. Dat is zeker tegen de wil en de geest van mgr. Bluyssen. Hij was immers duidelijk aanwezig bij alle priester- en diakenwijdingen die na zijn  vertrek zijn toegediend. Hij had een hartelijke verhouding met mgr. Hurkmans en vertrouwde hem de uitvoering van zijn uitvaart van harte toe. Dat past niet helemaal in de mythevorming die men graag vormt maar het is wel zo. Het is dus volmaakte onzin dat mgr. Bluyssen “met geen woord door de kerkelijke  leiders van vandaag (is) geprezen maar juist hooghartig is beschimpt.” Iedereen die onbevangen de plechtigheid in de St.-Jan heeft meegemaakt, zal zich in die woorden helemaal niet herkennen. De heer Peters is allergisch voor de liturgie van de Kerk, hij is allergisch voor het vele “gistelijk” (overigens is de concelebratie een postconciliaire verworvenheid). Hij is blijkbaar allergisch voor alles wat katholiek is. Dat geeft hij ook toe “maar die wereld is de mijne niet”. Maar die wereld was nog wel steeds de wereld van Mgr. Bluyssen, hoe vervelend dat de heer Peters waarschijnlijk ook vindt.
Tenslotte debiteert de heer Peters een nieuw dogma: “En bisschop Bluyssen? Die is in de hemel opgenomen.”  Wij blijven met de Kerk maar bidden dat God zich over de overleden bisschop mag ontfermen en hem in de vreugde van de hemel mag opnemen. Verder durven we niet gaan. En dat is katholiek!

Oss  18 augustus 2013
Pastoor C. Mennen
e-mail: info@mennenpr.nl
cui resistite
home

liturgie

getijdengebed
preken
voordrachten

vrijmoedig commentaar

ons geloof

documenten