de moraal
Als je christen bent is niet alleen geloof voldoende. Je moet ook volgens dat geloof leven.

De moraal van de christen steunt onder andere op de 10 geboden.
Leef je volgens de geboden, dan ben je deugdzaam. Ga je in tegen de geboden, dan bega je zonde. In de klassieke moraal wordt er onderscheid gemaakt tussen:

a. doodzonde
Die bega ja als je vrijwillig en willens en wetens in een zeer ernstige zaak tegen een gebod ingaat. Het heet doodzonde omdat dan het bovennatuurlijk leven dat je door het doopsel ontvangen, gedood wordt. Je sluit je als het ware af van Christus. Je mag niet meer communiceren. De band kan hersteld worden als je spijt hebt en gaat biechten.

c. dagelijkse zonde.
Die bega je als onvrijwillige en onwetend in een ernstige zaak tegen een gebod ingaat of als je in kleinere zaak zondigt. Deze zonde kan vergeven worden na een spijtbetuiging aan God. De Kerk raadt aan ook deze kleinere zonden regelmatig te gaan biechten.

De Tien Geboden

1. Gij zult geen afgoden vereren, maar mij alleen aanbidden en boven alles beminnen.

Zware zonden tegen het eerste gebod zijn: spiritistische seances, waarzeggerij, satanisme. Je door geld laten bepalen in plaats van door Gods geboden.
Lichtere zonden: lichte bijgelovige praktijken, amuletten.

2. Gij zult de naam van de Heer, uw God, niet zonder eerbied gebruiken.

Zware zonden tegen dit gebod zijn: meineed plegen, mensen echt vervloeken.
Lichtere zonden: krachttermen met Gods naam erin

3. Wees gedachtig dat gij de dag des Heren heiligt.

Zware zonden: willens en wetens zondags niet aan de eucharistie deelnemen; of de zondag ontheiligen door onnodige zware lichamelijke arbeid.
Lichtere zonden: het minder nauw nemen met de zondagsrust

4. Eer uw vader en uw moeder.

Zware zonden: geweld tegen je ouders, je ouders bestelen; ze aan hun lot overlaten als ze oud zijn; het staatsgezag ondermijnen
lichtere zonden: ongehoorzaam zijn aan je ouders

5. Gij zult niet doden.

Zware zonden: moord, euthanasie, abortus, zeer roekeloos gedrag in het verkeer, direct je gezondheid in gevaar brengen; iemand geestelijk kapot maken.
lichtere zonden: iemand verwonden, over iemand kwaad vertellen.

6. Gij zult geen onkuisheid doen.

Zware zonden: seksuele gemeenschap buiten het huwelijk, overspel, homoseksuele handelingen.
lichtere zonden: grof taalgebruik, uitdagend gedrag.

7. Gij zult niet stelen.

Zware zonden: grote bedragen stelen of verduisteren; systematisch lanterfanten op je werk en daardoor je baas benadelen; misbruik maken van sociale voorzieningen; woekerrente vragen; systematisch egen rechtvaardig loon betalen.
Lichtere zonden: dat alles op een kleine schaal

8. Gij zult tegen uw naaste niet vals getuigen.

Zware zonden: door een leugen iemand ernstige schade toebrengen.
Lichtere zonde: kleine leugens

9. Gij zult geen onkuisheid begeren.

Zware zonde: toegeven aan seksuele begeerte in een ernstige zaak.
lichte zonde: kleinere begeerten of minder vrijwillig.

10. Gij zult niet onrechtvaardig begeren wat uw naaste toebehoort.

Verbod op jalouzie en afgunst

Pastoor C. Mennen
e-mail: info@mennenpr.nl
cui resistite
home

God

verlossing

openbaring

de uitersten

de Kerk

de sacramenten

het communiceren

de moraal

katholiek zijn

katholiek worden