
Het zal zo’n kleine twintig jaar geleden zijn en ik was een gelukkig pastoor in de H. Margarita Maria in Tilburg, toen mij op het moment dat ik de pastorie in wilde gaan een mevrouw aansprak. Zij vroeg: “bent u de pastoor?” waarop ik bevestigend antwoordde. “Dan bent u de man, die met uw klok zoveel lawaai maakt. Laatst hebben we in de tuin het gesprek wel vijf minuten moeten onderbreken omdat we ons niet verstaanbaar konden maken. Kan dat niet wat minder?” Gedachtig het woord van de Heer “Bemin uw vijanden”, antwoordde ik zo liefdevol mogelijk, dat het voor haar geestelijke gezondheid waarschijnlijk geen kwaad kon als ze eens vijf minuten haar mond hield. Ik voegde eraan toe dat het gelui waarschijnlijk het eerbetoon aan een overledene gold zoals dat al eeuwenlang in onze cultuur gebruikelijk is en dat ik niet van plan was dit gebruik ter wille van haar koffiepraatjes te supprimeren. Ik moet eerlijk toegeven dat het waarschijnlijk tegen de liefde was dat ik ook nog heb gezegd dat ze waarschijnlijk tot het soort mensen behoorde dat vindt dat bij het sterven van een van hun dierbaren de wereld stil moet staan maar dat zelf geen enkel medeleven met een vreemde kan opbrengen. Voordat ik de pastorie binnenging, heb ik nog gezegd: “Als er in het torentje plaats was voor een tweede klok, dan hing ik er die bij. Dan zou het nog mooier klinken. Dat is nu eenmaal het recht van de Kerk. Goedendag, mevrouw!”
Enkele jaren later hebben we het slagwerk hersteld van het uurwerk dat op de voorgevel van de kerk zit. Het is normaal, vonden wij, dat een kerkklok slaat. Dat doen eigenlijk alle kerkklokken. Alleen die van de Margarita Maria niet want die was lange tijd kapot geweest. We dachten dat iedereen er blij mee zou zijn. Maar nee hoor, al spoedig was er een groep mensen, die zeiden ’s nacht wakker te worden van het slaan van de klok. Hun nachtrust werd door het slaan van de klok wreed verstoord. Het merkwaardige is dat de klachten niet kwamen van oudere mensen die zoals bekend over het algemeen een lichtere slaap hebben maar van jongeren, en met name van mensen die de kerk en het geloof geen goed hart toedroegen. Het overgrote merendeel van de mensen vond het mooi. En die het ’s nachts hoorden, zeiden: “We tellen de slagen, en we draaien ons nog een keer om.” Maar zo niet de actiegroep; die
ging naar de gemeente en - u raadt het al – een ijverige Dorknoper kwam met een heuse decibelmeter om het geluid van de slag op te meten. En jawel hoor, het kwam iets uit boven het toegestane geluidsniveau. Ja. het is nauwelijks te geloven maar op last van de gemeente moest de klok ’s nachts uit. Zolang er uurwerken zijn, hebben ze met hun slagen dag en nacht de uren aangekondigd maar de gemeente Tilburg vond bij monde van zijn ambtenaar dat daar een einde aan moest komen. Ik heb toen nog gebeld naar een andere afdeling van de gemeente die ging over de toren van de Heikese kerk die toch gemeente-eigendom is. De ambtenaar in kwestie zei dat het uurwerk dag en nacht sloeg en dat ze ook niet van plan waren dit te veranderen. Ik ben, moet ik tot mijn schande bekennen uiteindelijk toch overstag gegaan, omdat ik opzag tegen de terreur van de actiegroep die geen publiciteit zou schuwen en omdat ik geen al te hoge dunk had van de ambtenarij die zich waarschijnlijk monomaan in de decibellen zou vastbijten. Ik zag op tegen de lange weg om via de rechter mijn gelijk te halen. En – dat was voor mij doorslaggevend – het betrof hier niet direct een zaak waarin de rechten van de Kerk gemoeid waren maar veeleer iets wat tot onze normale Westerse cultuur behoort. Vanaf dat moment zwijgt het uurwerk van de Westendse kerk tijdens de nachtelijke uren.
Nu wordt pastoor Schilder in dezelfde kerk geconfronteerd met een aanval op een in oeroude traditie en ook in hedendaagse wet gegarandeerd recht van de kerk: het recht mensen door klokgelui op te roepen voor de eredienst. Art. 10 van de Wet Openbare Manifestaties luidt: Klokgelui ter gelegenheid van godsdienstige en levensbeschouwelijke plechtigheden en lijkplechtigheden, alsmede oproepen tot het belijden van godsdienst of levensovertuiging, zijn toegestaan. De gemeenteraad is bevoegd ter zake regels te stellen met betrekking tot duur en geluidsniveau. Dat de gemeente Tilburg vindt dat kwart over zeven op de rand van de nacht is, is op zich al belachelijk. Immers voor andere activiteiten gelden op dat uur ook geen restricties. maar belangrijker is dat de wet de gemeente niet toestaat zich over het tijdstip van het luiden uit te spreken. Het luiden op zich is altijd een recht van de kerk zoals ook uit memorie van toelichting op de wet blijkt. De enige beperking is dat de gemeenteraad de duur en het volume door een uitdrukkelijke bepaling kan beperken. De gemeente beroept zich voor haar kritiek op de decibellen op haar verordeningen betreffende industriële herrie, maar die kan men volgens de wet niet zomaar zonder een uitdrukkelijk besluit van de gemeenteraad toepassen op het klokgelui. Bovendien luidt de pastoor maar één minuut. Korter kan de gemeenteraad in gemoede al niet bepalen. Het betreft bovendien één kleine klok. Die te hard vinden, al dan niet met de decibelmeter in de hand, betekent klokgelui in feite onmogelijk maken wat tegen de geest en de tekst van de wet is. Pastoor Schilder is derhalve verplicht als behoeder van de rechten van de kerk de willekeur van de gemeente te weerstaan en het dan maar aan te laten komen op een rechterlijke uitspraak.
Deze zaak maakt naar mijn vaste overtuiging eens te meer duidelijk dat het militante heidendom steeds verder op rukt. Het verdraagt geen christelijke uitingen en stelt er zicht tegen te weer. Het past in een grotere reeks. Ik noem hier enkele dingen:
- nog in het guldentijdperk verzette D66 zich bij een afbeelding van een stadsgezicht op een nieuw bankbiljet tegen kruisen op de torens.
- de georchestreerde actie van heel heidens Nederland tegen het pausbezoek in 1985.
- het “Berufsverbot” van de beoogde eurocommissaris Buttiglione door een heidense meerderheid in het europarlement, alleen omdat hij overtuigd katholiek was. Men heeft nog liever Turkije in de gemeenschap dan een katholiek als commissaris.
- in de zogenaamde Europese grondwet mag geen verwijzing staan naar de christelijke wortels van Europa.
- De christelijke moraal wordt aan één stuk door belachelijk gemaakt.
Het ergste daarbij is dat de heidenen daarbij niet noemenswaard gehinderd worden door zogenaamde christelijke politici. Die drijven het liefst veilig mee op de overwegend heidense stroom van de driftig uit die hoek bewerkte publieke opinie, Het is vreemd dat geen enkele politicus in Tilburg het publiek opneemt voor pastoor Schilder. Bestaat het CDA nog? Staan die nog ergens voor? Of bestaat het alleen nog maar uit de zogenaamde “van-huis-uit-katholieken” die goed zijn om in verkiezingstijd geen katholieke stemmen af te stoten maar voor rest met de meeste (heidense) winden kunnen meewaaien?
Er zijn blijkbaar ook maar weinig katholieken die voor de traditionele rechten van hun Kerk in de samenleving durven op te komen. Zouteloos bauwen ze de heidenen na: “Je moet zoiets niet op de spits drijven. De mensen weten toch wel wanneer ze naar de kerk moeten komen.” Zou het bisdom op dezelfde manier redeneren: "och, waar maakt die pastoor zich druk om? Laten we toch niet moeilijk doen naar de gemeente. Zo belangrijk is het toch niet." Zouden ze echt niet in de gaten waar het eigenlijk om gaat: de heidenen rukken op en ze proberen ons letterlijk het zwijgen op te leggen.



DE HEIDENEN RUKKEN OP
VRIJMOEDIG
COMMENTAAR