Pastoor C. Mennen
e-mail: info@mennenpr.nl
cui resistite
home

liturgie

getijdengebed
preken
voordrachten

vrijmoedig commentaar

ons geloof

documenten



In de meest gewaagde en meest onbezonnen stap tot dusver in een pontificaat dat al uit de hand gelopen was en dat op massieve schaal verwarring zaaide, heeft het Vaticaan de invoeging aangekondigd in Catechismus van de Katholieke Kerk door paus Franciscus van een nieuwe leer rond de doodstraf,
De Heilige Schrift, de Heilige Traditie en het Leergezag van de Kerk hebben gedurende 2000 jaar de intrinsieke wettigheid gehouden van de doodstraf voor ernstige misdaden tegen het algemeen welzijn van Kerk of Staat. Er is nooit enige twijfel bij iemand over dit onderwerp geweest. Het was geen geschilpunt in het schisma tussen Oost en West, of in de Reformatie en de Contrareformatie, of in het tijdperk van de Verlichting – kortom het was een van de zeldzame onderwerpen waarover men het eens was niet slechts binnen de Kerk maar met bijna iedereen.
De reden daarvan is simpel: volgens de natuurwet en tevens de Schrift mogen de heersers in een Staat, handelend als vertegenwoordigers van de goddelijke gerechtigheid en als beschermers van het algemeen welzijn, een gezag uitoefenen over leven en dood dat zij als privé personen niet bezitten. Met andere woorden, het is God, altijd God, die het recht over leven en dood heeft, en als de staat deelt in dit goddelijk gezag, heeft zij, tenminste in principe, de autoriteit om het leven van een misdadiger te beëindigen. Dat de staat deelt in het goddelijk gezag is de constante dogmatische leer van de Kerk, die het meest expliciet (en herhaaldelijk) gevonden wordt in de encyclieken van paus Leo XIII.
Om iedere twijfel in deze zaak uit te sluiten publiceerden Edward Feser en Joseph Besette een een uitgebreid overzicht over deze kwestie: “By Man Shall His Blood Shed: A Catholic Defense of Capital Punishment (San Francisco, Ignatius Press, 2017). In dit opzienbarende boek presenteren Feser en Bessette de argumenten vanuit de natuurwet voor de doodstraf, verschaffen een echte cataloog van citaten uit de Schrift, de kerkvaders en de kerkleraren, van de pausen die de wettigheid ervan verdedigen en stellen een kritiek samen op de logische drogredenen en leerstellige contradicties – of ze nu zijn van Amerikaanse bisschoppen of zelfs van de bisschop van Rome – die proberen te ontsnappen aan het eensgezind getuigenis van geloof en rede.

De Catechismus van de Katholieke Kerk citeert, net als het boek van Feser en Besette, herhaaldelijk gezagvolle getuigen van de katholieke leer over een periode van 2000 jaar (en meer als we de verwijzingen naar het Oude Testament toevoegen). Het is anderzijds nauwelijks een verrassing dat de nieuwe Catechismustekst van Franciscus maar één bron citeert: een toespraak die Franciscus zelf hield voor de deelnemers aan een bijeenkomst van de Pauselijke Raad voor de bevordering van de Nieuwe Evangelisatie op 11 oktober 2017. Franciscus die schept ex nihilo (uit het niets), heeft alleen zichzelf om te citeren.

Sommigen zeggen misschien dat Franciscus hier niet revolutionair is, omdat paus Johannes Paulus II ook tegen de doodstraf was. Maar er is een cruciaal verschil. Johannes Paulus II stelde de toelaatbaarheid van de doodstraf als zodanig nooit ter discussie; inderdaad dat kon hij niet omdat er een geen manier is om deze straf af te wijzen zonder de fundamenten van de katholieke sociale leer af te wijzen. In plaats daarvan beval Johannes Paulus II de verbetering aan van de gevangenschap, gratie en de rehabilitatie. Over dergelijke kwesties kunnen christenen en katholieken inderdaad met elkaar van mening verschillen en diverse argumenten pro en contra aanvoeren.

De onderhavige kwestie kon niet ernstiger zijn. Als paus Franciscus gelijk heeft, is maar één conclusie mogelijk: “De Kerk had op een belangrijk punt, letterlijk van leven of dood, ongelijk” zoals een blogger vanmorgen schreef. Het is een zekere leer van de Kerk (van de mogelijkheid van de doodstraf tenminste in bepaalde situaties), die bevestigd is door Christus zelf in de Schrift – toen Hij staande tegenover Pilatus, die zijn recht bevestigde Hem de doodstraf op te leggen, tot hem zei: “Gij zoudt volstrekt  geen macht over Mij hebben als u die niet van boven gegeven was”. Hij bevestigde daarmee dat het een macht is, gegeven aan de Staat in haar gezag, zelfs als die macht, zoals alle bestuursmacht, onwettig en onterecht kan worden uitgeoefend. Als een dergelijke zekere leer veranderd kan worden, dan kan alles veranderd worden.  Een dergelijke  “ontwikkeling” van de leer kan ongeveer alles tot stand brengen: van het einde van de “intrinsiek ongeordende” natuur van de homoseksualiteit tot de priesterwijding van de vrouw, van de mogelijkheid van het gebruik van voorbehoedmiddelen in “sommige” gevallen tot het aanvaarden van het Luthers verstaan de werkelijke tegenwoordigheid in de eucharistie als een mogelijke interpretatie van wat de Kerk altijd heeft geloofd – en ga zo maar door.

Met deze zet heeft paus Franciscus openlijk laten zien dat hij ketters is op een punt van groter belang en hij een duidelijke en eenvoudige nieuwigheid leert – “de brutaliteit van een persoonlijke mening die een volkomen nieuwe en nooit vertoonde “leer” van de Kerk wordt, zoals Rorate Caeli zegt. “De huidige paus is zijn competentie verre te buiten gegaan: zijn competentie is de leer te behoeden en te bewaren die we van Christus en de apostelen hebben ontvangen, niet om die te veranderen naar zijn persoonlijke inzichten.”

Franciscus mag misschien aannemen – in ieder geval een foutieve aanname voor de Verenigde Staten – dat de meeste katholieke al (min of meer) tegen de doodstraf gekant zijn en dat het daarom een vanzelfsprekende plaats is om het officiële programma van de “vernieuwing” van de kerkelijke moraal te beginnen zonder al te veel stof te doen opwaaien. Hij ziet dat, als de verandering van de Catechismus wordt aanvaard, het betrekkelijk gemakkelijk zal zijn verder te gaan naar de andere onderwerpen die hierboven vermeld zijn: een verandering in de Catechismus rond homoseksualiteit, een verandering over voorbehoedmiddelen, een verandering over de voorwaarden tot toelating tot de heilige communie, een verandering betreffende  de wijzing van de vrouw etc.

Of Franciscus een formele ketter is – dat hij zich volledig bewust is van het feit dat wat hij leert over de doodzonde, ingaat tegen de katholieke leer en dat hij laat zien dat hardnekkig aan deze positie vasthoudt ondanks een berisping – is een zaak ter beoordeling van de kardinalencollege. Er bestaat echter geen twijfel, dat orthodoxe bisschoppen van de katholieke Kerk zich tegen deze leerstellige dwaling moeten verzetten en moeten weigeren de veranderde versie van de Catechismus of van catechetisch materiaal op basis ervan, te gebruiken.

Moge de heilige Alfonsus Liguori, patroonheilige van de moraaltheologen, wiens feest we op 1 augustus hebben gevierd, ten beste spreken voor de paus en voor heel de katholieke Kerk, dat de Heer in zijn barmhartigheid spoedig deze periode van leerstellige chaos mag doen eindigen.

Vertaling: C. Mennen 2 augustus 2018

"Aan het openbare gezag is het gegeven om misdadigers te doden en dat is niet onrechtvaardig aangezien dit nodig is voor de verdediging van het algemeen welzijn." (Alfonsus de Liguori, Theologia Moralis)


De verandering van de Catechismus gaat in tegen de natuurwet en tegen het depositum fidei (geloofsschat)

 
Dat de paus de Catechismus op een zodanige manier verandert dat de doodstraf "ontoelaatbaar" genoemd wordt, is volgens veel theologen tegen de vaststaande katholieke leer, die gebaseerd is op Schrift en Traditie, met name op het getuigenis van de kerkvaders.
Niet dat wij ervoor zijn dat de doodstraf ruim wordt toegepast en we sluiten ons aan bij het pleidooi van de Catechismus tot nu toe, vooral andere vormen van straf toe te passen. Maar te zeggen dat de doodstraf (in uitzonderlijke situaties tegepast) tegen de menselijke waardigheid en tegen het vijfde gebod zou zijn,  steunt op geen enkele wijze op de Schrift en de Traditie. Hieronder een stuk van Peter Kwasniewski