Pastoor C. Mennen
e-mail: info@mennenpr.nl
cui resistite
home

liturgie

getijdengebed
preken
voordrachten

vrijmoedig commentaar

ons geloof

documenten



Paus Franciscus, kardinaal Wuerl, Theodore McCarrick en de crisis van een verdeelde Kerk

Kijk wat we weten, en wat wordt beweerd over paus Franciscus, kardinaal Donald Wuerl en de ongenade gevallen voormalige kardinaal Theodore McCarrick.
Gedurende diverse decennia maakte pastoor, bisschop, aartsbisschop en uiteindelijk kardinaal McCarrick seksueel misbruik van priesters en seminaristen die onder zijn gezag stonden. Er zijn geloofwaardige beschuldigingen dat hij jongens van amper 11 jaar misbruikte. Voor zover dit gedag geheim was in de Amerikaanse Kerk, werd dit geheim slecht bewaard. Tussen 2005 en 2007 betaalden drie bisdommen in New Jersey grote geldbedragen als regeling om de beschuldigingen van misbruik door McCarrick stil te houden. Bisschop Steven Lopes zei in een homilie, bekend gemaakt door First Things: “Ik was een seminarist toen Theodore McCarrick aartsbisschop van Newark werd benoemd. En hij zou het seminarie vaak bezoeken en wij wisten er allemaal van. McCarrick eindigde zijn carrière als kardinaal van het aartsbisdom Washington D.C., en werd opgevolgd door  aartsbisschop Donald Wuerl, die daarvoor bisschop van Pittsburgh was geweest. Wuerls vroegere bisdom  is onlangs in het nieuws geweest na het uitkomen van een rapport van de grand jury van de hand van de hoofdofficier van justitie en dat rapport beschrijft decennia lang misbruik door priesters in die staat.
Toen Wuerl in 2006 in Washington aankwam  trok McCarrick zich terug in het Redemptoris Mater Seminarie. Daar werd hij buitengezet en gestuurd naar het seminarie van het instituut van het Mens geworden Woord, die beiden in het machtsgebied van Wuerl liggen. In of rond 2009 legde paus Benedictus XVI McCarrick bepaalde sancties op. (De precieze aard van die sancties is nog onbekend, maar het schijnt zoiets geweest zijn als huisarrest. Het is ook onduidelijk wanneer precies Benedictus voor het eerste hoorde over McCarrick of hoeveel tijd er voorbijging voordat hij handelde.) Toch houdt Wuerl op een of andere manier vol dat hij nergens van wist voor juni 2018, toen de McCarrick storm in het publiek losbarstte. Wuerls verdediging is eigenlijk dat hij geen slecht mens is die de andere kant op kijkt, weg van het gedrag van een bekende misbruikpleger, maar alleen maar een incompetente sukkel. En Wuerl schijnt te denken dat schuldig zijn aan grove incompetentie hem het recht moet geven zijn baantje te houden. Een verantwoordelijk leider met karakter zou in schaamte weggegaan zijn op het moment dat hij van deze schandalen hoorde. Wuerls eerste publieke commentaar op het verhaal over McCarrick was: “Ik denk niet dat dit een enorme, enorme crisis is”. Op letterlijk dezelfde dag dat het Pensylvania grandjury rapport werd uitgebracht, lanceerde het bisdom van Wuerl een spervuur van defensieve propaganda in de vorm van een nieuwe website: “The Wuerl Record”. Deze werd vlug weggehaald toen het duidelijk werd dat de reputatie van de kardinaal meer schade toebracht werd dan dat het hem hielp. Dan riep Wuerl op tot “een periode van genezing” met speciale Missen in zijn aartsbisdom. Het beste dat van Wuerl gezegd kan worden, is dat zijn omgaan met de PR in de crisis het onbekwame verweer alleen maar heeft versterkt. Pas na een maand van proberen vast te houden aan zijn baan zei Wuerl dat hij van plan was naar Rome te vliegen om zijn toekomst met paus Franciscus te bespreken. Franciscus moet nu zeggen of hij iets doet met Wuerl ongeacht het feit dat, zoals alle kardinalen van boven de 75 doen, Wuerl al een ontslagbrief in het Vaticaan heeft liggen. Franciscus had zich al op een namiddag van hem kunnen ontdoen zonder iets ingewikkelders te doen dan de brief die er al is te accepteren.

Dat zijn de feiten en ze worden door niemand betwist.

Dan zijn er de beschuldigingen: op 25 augustus 2018 publiceerde aartsbisschop Carlo Maria Viganò een brief waarin hij beweerde dat hij diverse keren in de loop der jaren aanwezig was  geweest bij pogingen om het Vaticaan in te lichten over het misbruik van McCarrick; en dat hij ze persoonlijk had besproken met Wuerl; en dat paus Franciscus – volledig op de hoogte van het bovenstaande – het bevel tot huisarrest van zijn voorganger ingetrokken heeft, McCarrick maakte tot zijn “vertrouwde adviseur”, en op instigatie van McCarrick bepaalde bisschoppen – zoals Blase Cupich en Joseph William Tobin – begon te verheffen tot machtsposities in de Amerikaanse Kerk.
Als dit waar is, zou dat betekenen dat we één kardinaal hebben die een seksueel misbruiker is aan wie sancties waren opgelegd; (ten minste) één kardinaal die de ogen sloot voor de misdaden van deze man terwijl zij binnen zijn rechtsgebied plaats vonden, en een paus die niet alleen de andere kant op keek maar positieve maatregelen nam om zowel de crimineel als degene die het mogelijk maakte, te helpen.
En als dit alles waar is, wel, wat dan? De mogelijke antwoorden op deze vraag zijn niet erg leuk. Zij omvatten: schisma, de afbraak van het pausdom, en een lange oorlog voor de ziel van de katholieke Kerk. Want het verhaal van Theodore McCarrick is niet zomaar een verhaal van seksueel misbruik. Het gaat over instituties en over macht.

Het misbruik zelf is natuurlijk vreselijk. We moeten dat hardop zeggen, want hoewel de details onuitsprekelijk zijn, moeten ze toch worden uitgesproken. Zonder de publicatie van het Pennsylvania grand jury rapport zouden wij veel minder weten van het kwaad binnen de Kerk. (Het is leerzaam op te merken dat autoriteiten binnen de Kerk zich verzet hebben tegen de publicatie van dit rapport.) Maar individuele priesters die misbruik plegen zijn niet op een structurele manier catastrofaal voor de Kerk. Misbruik zal altijd onder ons aanwezig zijn. Het is een menselijke pathologie waarvoor zelfs priesters niet immuun zijn. Maar het geneesmiddel tegen misbruik is eenvoudig: wanneer en waar dergelijke mensen worden ontdekt, dan moeten zij geëlimineerd worden en gestraft. De institutionele schade wordt niet veroorzaakt door de misbruikplegers maar door de structuren die hen dekken, hen verontschuldigen en hen bevorderen. Op deze manier bezien is de schade die door kardinaal Wuerl aan de Kerk is toegebracht – en door iedere andere bisschop die van McCarrick wist en bleef zwijgen – verschillende malen groter dan de schade die door McCarrick zelf is toegebracht.

Bij wijze van analogie kijken we naar de corrupte politieagent. Ongeveer één keer per week zien we bewijs van politiemannen die zich op een manier gedragen die gaat van onverstandig tot illegaal. Dat is ongetwijfeld al zo sinds Hammurabi de eerste wetsdienaar aanstelde. De schade aan het systeem komt wanneer andere politie-instanties niet de corrupte agenten vervolgen maar hen beschermen. Als dat vaak genoeg gebeurt, kunnen burgers uiteindelijke besluiten dat het systeem niet deugt en naar stembus gaan om het hervormen. De leken hebben een dergelijk beroep in de Kerk niet. De katholieke Kerk is anders dan alle andere aardse instellingen. Zij is strikt hiërarchisch waarbij haar hoogste macht ontleend wordt aan de Zoon van God. Het hoofd van de Kerk – de opvolger van Petrus – wordt voor het leven gekozen door zijn collega’s en zijn gezag over hen is totaal. Hij kan hen toestaan bij hellichte dag door te gaan met hun seksuele zaakjes zoals Franciscus deed met de eerw. heer Krzysztof Charamsa, een priester die jarenlang in de Vaticaanse Curie werkte terwijl hij openlijk leefde met zijn homoseksueel liefje. Of hij kan hem uit de Kerk zetten zoals Franciscus deed met Charamsa nadat de priester zijn situatie openbaar maakte in de Italiaanse media in 2015. Hij kan een van deze keuzes maken en alles ertussen in om welke reden dan ook. Of helemaal niets. Zo is de hoogste macht van de plaatsvervanger van Christus.

Maar de directe ondergeschikten van de paus – de kardinalen en de bisschoppen – functioneren als feodale heren in hun rechtsgebied. De bisschop kan preken in strijd met de leer van de Kerk zoals kardinaal Walter Kasper doet over het onderwerp van huwelijk  en ontrouw. Hij kan priesters onder zijn zorg straffen en belonen vanwege verdienste of zomaar omdat hij er zin in heeft – want de diakens en de priester zweren allemaal een belofte van gehoorzaamheid aan de bisschop (of kardinaal) zelf. Dit is een omstandige manier om te zeggen dat er geen mechanisme bestaat dat ervoor zorgt dat een man als Donald kan worden aangepakt door zijn collega’s. De bisschop van Madison kan tekeer gaan tegen Wuerl wat hij wil, zoals Robert Morlino afgelopen augustus deed. Zijn collega-bisschoppen hebben geen macht over hem. De enige aan wie Wuerl verantwoording schuldig is, is de paus. En de structuur van de Kerk heeft geen oplossing als de paus gek of slecht is.

In de weken nadat de Viganòbrief was gepubliceerd hield Franciscus een homilie waarin hij verklaarde: “op mensen die geen goede wil hebben, met mensen die alleen uit zijn op schandalen, die verdeeldheid zoeken, die alleen maar uit zijn op afbraak” is het beste antwoord “zwijgen” en “bidden”. Dit klinkt alsof Franciscus gelooft dat de echte boeven in deze puinhoop aartsbisschop Viganò is en de mensen die willen weten wat de bisschoppen ervan wisten en wanneer zij ervan wisten, nou ja.

In een andere homilie op 11 september ging Franciscus nog verder en zei dat niet alleen Viganò de echte boef was, maar dat de bisschoppen de echte slachtoffers waren: zij werden vervolgd door de duivel: “Het lijkt er in deze tijden op dat de Grote Aanklager is losgelaten en de bisschoppen aanvalt”, preekte Franciscus. En Satan “probeert de zonden bloot te leggen zodat ze zichtbaar worden om het volk aanstoot te geven”. (De Vader van de Leugen – zoals hij in de Bijbel wordt genoemd – is niet degene die in het katholieke gedachtegoed wordt gezien als degenen die zonden aan het licht brengt, maar deze paus heeft nog nooit bekend gestaan om een sprankelende geest.) Franciscus geeft dan raad aan zijn arme, lijdende broeders bisschoppen: “Zoals de grote Aanklager zelf zegt tegen God in het eerste hoofdstuk van het boek Job ‘hij zwerft over de aarde op zoek naar iemand die hij kan aanklagen’. De kracht van een bisschop tegen de grote Aanklager is het gebed.

Andere delen van de kerkelijke hiërarchie schijnen zichzelf ook als slachtoffers te zien. Eind augustus besloot Washington Post columniste Elisabeth Bruenig een poging te wagen de onderste steen boven te krijgen in het Viganòverhaal door McCarrick zelf te vragen. Ze ging naar het huis dat eigendom van de Kerk was waar de voormalige kardinaal nu woont en klopte op de deur. Welke vertegenwoordiger van de Kerk – Gods voertuig voor Waarheid en Licht – er ook woonde, hij weigerde te antwoorden. In plaats daarvan  belde hij het politiebureau om over haar te klagen.

Wat moeten we dan doen als de plaatsvervanger van Christus een gek is die aan de kant van bisschoppen staat die gelegenheid gaven tot het plegen van misbruik of die misbruikplegers beschermden? Of als hij een slecht man is die aan de kant staat van de eigenlijke misbruikplegers? Dat is een uitstekende vraag en we gaan hem behandelen. De meer directe vraag is: waarom zou hij dat doen? En het antwoord is eenvoudig: macht.

Het pontificaat van Franciscus kan wellicht het best begrepen worden als een politiek project. Zijn verkiezing in het conclaaf van 2013 was – buiten medeweten van de wereld destijds – het resultaat  van een campagne die tevoren door vier radicalen gepland was. Zij zagen de toenmalige kardinaal Bergoglio als het perfecte voertuig voor de revolutie die zij in de Kerk tot stand wilden brengen. (Het verhaal van hoe de kardinalen Cormac Murphy-O’Connor, Walter Kasper, Godfried Danneels en Karl Lehmann het “Team Bergoglio” vormden is in detail beschreven in de pausvriendelijke biografie van Franciscus van de hand van Austen Ivereigh en zelfs al ontkenden de kardinalen vervolgens het verhaal, hun protesten zijn uiterst ongeloofwaardig.) Zoals de Catholic News Agency destijds berichtte, was dit politiek spelletje niet zomaar een kwestie van slechte smaak: de apostolische Constitutie Universi Dominici Gregis verbiedt kardinalen uitdrukkelijk akkoorden of overeenkomsten te sluiten, beloften te doen of toezeggingen van welke soort ook. Nou ja.

In zijn tijd op de troon van Petrus heeft Franciscus er zich voor ingezet veel orthodoxe posities te ontmantelen in een poging de Kerk te heroriënteren in de richting – volkomen toevallig – van de lang gekoesterde voorkeuren van deze vier radicale kardinalen. Bij voorbeeld: hij leverde kritiek op katholieken omdat ze “geobsedeerd” worden door abortus, homohuwelijk en contraceptie. Hij heeft katholieke vrouwen belachelijk gemaakt omdat ze te veel kinderen zouden hebben en zich zouden gedragen “als konijnen”. Hij stuurde een pauselijke zegen naar de lesbische auteur van de Italiaanse versie van Heather has Two Mommies (Heather heeft twee mammies) – een verhandeling voor kinderen die de pluspunten van gelijkgeslachtelijk ouderschap verheerlijkt.

Dit alles bij zijn bizarre nadrukkelijke stelling dat “het gebruik van geweld nooit vrede tot gevolg heeft gehad” en “dat de voordelen van de groei van de vrije markt “nooit door de feiten zijn bevestigd”. (Voor het geval dat de mensen de boodschap niet begrepen, poseerde Franciscus voor foto’s met een kruisbeeld gemaakt van een hamer en een sikkel.) Maar net zo erg als het vrije markt kapitalisme is,  de paus hamert erop “dat het ernstigste van alle euvels die de wereld momenteel teisteren, de werkeloosheid  en de eenzaamheid van de ouderen zijn.” En dat is een ….. merkwaardige kijk op onze gevallen wereld.

Het meest vreemde initiatief van de paus echter zijn pogingen geweest om de beperkingen af te breken die golden voor de toelating van hertrouwd gescheiden katholieken tot de communie. Daarvoor riep Franciscus een Synode bij elkaar, probeerde een verandering van de katholieke leer erdoor te jagen en toen dat niet lukte, verkondigde hij via een apostolische exhortatie dat priesters vrij waren hun onderscheidingsvermogen op deze zaak los te laten.
Voor niet-katholieken mag dit niet zo belangrijk klinken maar dat is het wel: de communie voor hertrouwd gescheidenen is de eerste theologische stap om af te rekenen met het idee van overspel. Als een dergelijke verandering wordt doorgevoerd, wordt de katholieke Kerk uiteindelijk misschien gedwongen heel haar leer rond huwelijk, seksualiteit en het gezin te veranderen: echtscheiding, voor- en buitenhuwelijkse seks zou dan allemaal door de Kerk goedgekeurd worden.
En hetzelfde met – en dat is cruciaal – homoseksualiteit en homohuwelijk. Welnu, u bent daar misschien voor of misschien ook niet. Sommige christelijke denominaties accepteren die dingen. Maar de katholieke Kerk heeft nooit één van deze dingen goedgekeurd en het hele revolutionaire project van het veranderen van de kerkelijke leer rond gezin en seksualiteit begint noodzakelijkerwijs bij de communie voor hertrouwd gescheidenen.
Het project en de apostolische exhortatie van de paus waren zo ernstig dat enkele kardinalen de heilige vader een formeel document stuurden, bekend als de “dubia” met de vraag of hij echt van plan was de katholieke leer op een ketterse manier te veranderen of dat hij alleen maar een eerlijke vergissing had begaan. Franciscus negeerde hen simpelweg.

Dat is zijn manier van doen. In zijn enige gesprek met verslaggevers over het getuigenis van Viganò, weigerde Franciscus zich over de klacht te uiten, dat hij had geweten van McCarrick. Viganò’s brief, zei Franciscus, “spreekt voor zichzelf”. Toen het niet duidelijk was wat de heilige vader hiermee bedoelde – Was Viganò’s verhaal waar? Was Viganò een charlatan? – vervolgde hij: “Het is een daad van vertrouwen. Ik zal er geen woord over zeggen.”

De favoriete Amerikaanse kardinaal van de paus is Blase Cupich, die aan het hoofd staat van het aartsbisdom van Chicago en de meest hardnekkige cheerleader is geweest van het project van Franciscus in Amerika. Hij heeft nogal wat gezegd. Door een verslaggever gevraagd over de brief van Viganò, zei Cupich dat het een “konijnenhol” was en dat “de paus een grotere agenda had …. hij moet met andere dingen verder” zoals “praten over het milieu en het beschermen van migranten”. Dit was geen blunder. Enkele dagen later ontmoette Cupich een groep seminaristen die erg graag wilden praten over het misbruikprobleem, de heilige vader en deze donkere nacht in de Kerk. Cupich zei tegen de groep: “Ik heb op dit moment een sterk gevoel van vrede. Ik slaap heel goed.” Toen kwam dit via een verslag in de Chicago Sun-Times: de bron zei dat Cupich ook tegen de groep zei, dat, hoewel de “agenda” van de Kerk zeker inhield kinderen voor gevaar te behoeden, wij een grotere agenda hebben waar we niet van afgeleid mogen worden”; daarbij hoort het helpen van de daklozen en de zieken. En dat brengt ons tenslotte bij de vraag wat deze agenda feitelijk is.

Het is moeilijk de honderden zaken van misbruik los te maken van het onderwerp homoseksualiteit. Niemand wil zeggen of zelfs insinueren dat homoseksualiteit en misbruik een en hetzelfde zijn of dat alle of de meeste of zelfs een groot gedeelte van de homomannen misbruikerszijn. Deze stellingen zijn objectief onwaar. Tegelijkertijd zijn de cijfers onbarmhartig: volgens onze beste gegevens identificeert een mammoetstudie van CDC in 2014 1,6 procent van de Amerikanen als homoseksueel. Toch zijn bij 80 % van de misbruikgevallen priesters betrokken die andere mannelijke personen misbruiken. Je kunt alle kanttekeningen maken die je wilt – misschien is er een partijdige selectie, misschien is het percentage homoseksuelen bij de priester vele malen hoger dan 1,6 procent, misschien is niet alle man-tot-man misbruik gepleegd door mannen die zich als homo identificeren. Maar het verband is nog steeds hoog en dat kun je niet ontkennen. En ondanks het feit dat iedereen erop wil wijzen dat misbruik door priesters niets te maken heeft met homoseksualiteit, is het vreemd dat de mensen die het liefst willen dat de Kerk zich sacramenteel open stelt voor homoseksualiteit, nu juist degenen zijn die het misbruik ten stelligste ontkennen. Priesters als kardinaal Cupich handelen alsof zij denken dat er een verband is en dat als de Kerk met harde hand zou optreden tegen misbruik en tegen de bisschoppen die het mogelijk maakten, dat dan op een of andere manier hun project gevaar zou lopen.

En het is niet beperkt tot de VS. Ook in Chili hebben bisschoppen leiding gegeven aan een misselijkmakende cultuur van misbruik en toedekken. Geconfronteerd met beschuldigingen van misbruik bleef Franciscus staan achter de Chileense bisschop Juan Barros Madrid. Hij zei van de beschuldigingen: “Op de dag dat iemand mij bewijzen brengt tegen bisschop Barros, dan zal ik spreken. Maar er is niet het minste bewijs. Het is allemaal laster. Is dat duidelijk?” Een dit ondanks het feit dat Franciscus over Barros gewaarschuwd was en dat er een berg bewijs tegen hem was. Barros hoorde bij het Team Franciscus en dat is wat telt.
In juli kwamen 50 seminaristen in Honduras met een brief bij kardinaal Óscar Rodríguez Maradiaga en met ondersteunend bewijs voor een kring van homoseksueel misbruik in het grootste seminarie van het land. Maradiaga’s antwoord was, volgens het verslag van Edward Pentin, de beschuldiging dat de seminaristenn“roddelaars” waren. U kunt Maradiaga beschouwen als de Donald Wuerl van Tegucigalpa. Hij is ook een van de engste adviseurs van Franciscus.

Of het nou toeval is of niet, de Amerikaanse bisschoppen die nu het meest onder vuur liggen – McCarrick, Wuerl, Cupich, Tobin – zijn ook degenen die het dichtst bij Franciscus staan en het sterkst zijn verlangen om de Kerk revolutionair te veranderen, steunen.
Er bestond een algemeen gevoel bij katholieken dat na het pontificaat van Johannes Paulus II de Kerk een grote impuls had ontvangen door een instroom van jonge orthodoxe priesters. Mettertijd, zo dacht men, zouden deze mannen opklimmen en uiteindelijk de machtsposities bekleden binnen de Kerk. Zo zou de Kerk, minstens voor de middellange termijn, een orthodox instituut blijven.

Maar de verkiezing van Franciscus veranderde dat allemaal. Zelfs al waren de radicale elementen in de Kerk een kleine en vergrijzende minderheid, de progressieven beseften dat de enige persoon die werkelijk telt de paus is. Daarom organiseerden ze het zo dat Franciscus gekozen werd. Sindsdien hebben zij begrepen dat als Franciscus en zijn factie maar een paar gelijk gezinde priesters vinden om in die hoge posities te plaatsen, zij ervoor kunnen zorgen dat de opvolger van de huidige paus zijn ideologische voorkeuren zal delen.

Het college van kardinalen hoort 120 stemgerechtigde leden te hebben; momenteel zijn er 124 leden die in aanmerking komen voor deelname aan het volgende conclaaf. Dat is meer dan het plafond toelaat. Waarom? Omdat 75 van hen – met Cupich en Tobin – benoemd zijn door Franciscus. Anders dan zijn voorganger weet Franciscus wat macht is. En omdat er zo weinig hooggeplaatste progressieven in de Kerk zijn, begrijpt Franciscus dat het verlies van enkele van deze mannen zijn opvolging in gevaar zou kunnen brengen en dat zou weer zijn groter project in gevaar kunnen brengen. Zijn bondgenoten op hun beurt begrijpen dat op dit moment Franciscus zelf verliezen het project helemaal zou kunnen laten kelderen.

De kansen dat de Kerk Franciscus zal verliezen, zijn echter klein. Je kunt een paus niet afzetten en afgezien van een onverwachte terugkeer naar onze hemelse vader zal Franciscus in de afzienbare toekomst paus blijven. Dan blijven er vier mogelijke uitwegen mogelijk, waarvan er geen een erg aantrekkelijk is.

Sommige conservatieve katholieken, zoals Robert P. George van Princeton, hebben gesuggereerd dat Franciscus zou moeten aftreden, met name als de brief van Viganò wordt bevestigd. Dat is een aantrekkelijk idee en zou in overeenstemming zijn met de gerechtigheid. Iedereen in de kerkelijke hiërarchie die wist of zou moeten hebben geweten van bepaalde misbruikplegers in hun midden zouden minstens moeten worden verwijderd van iedere verantwoordelijke positie. Zij kunnen eenvoudigweg geen vertrouwen meer genieten. Als je deze visie uitbreidt tot de bisschop van Rome, zit daar een zekere heldere logica in – een gevoel dat de Kerk misschien een duidelijke breuk met het verleden zou kunnen maken en een begin om de dingen echt weer goed te maken.
Maar het kan een geneesmiddel worden dat erger dan de kwaal. In de laatste 600 jaar is er slechts één paus afgetreden: Benedictus XVI, de man die onmiddellijk aan Franciscus vooraf ging. Twee abdicaties in een millennium zijn een afwijking. Maar twee abdicaties achter elkaar zouden er praktisch voor zorgen dat het moderne pausdom in elkaar stort. Vanaf hier zou van alle pausen verwacht worden dat zij aftreden en niet in het harnas sterven. Deze verwachting van een aftreden zou op zijn beurt prikkels creëren bij de theologische tegenstanders van de paus om hem te bevechten en hem te verwonden in de niet onredelijke hoop dat dit hem op die manier impopulair maakt, dat hij uit het paleis kan worden uitgewerkt en dat ze hun geluk kunnen  beproeven met een nieuwe paus. Voor je het weet heb je data van opiniepeilingen en oppositie-onderzoek en het pausdom zou nadrukkelijk een politiek ambt worden. Geen katholiek mag naar een dergelijke uitkomst verlangen.

De tweede optie is capitulatie. Katholieken zouden hun schouders op kunnen halen en opgeven. Ze zouden kardinaal Wuerl zijn goede leven kunnen laten leiden en hem dan langzaam weg laten sluipen naar een waardig emeritaat; zij zouden vrede kunnen sluiten met de visie van kardinaal Cupich dat de Kerk eerst en vooral bestaat om zich bezig te houden met de opwarming van de wereld, of het minimum loon, of welke andere dingen er trendy zijn op Vox.com.
zij zouden de vuiligheid kunnen toedekken en sacramentele homohuwelijken accepteren, zelfs als dit de theologie van het lichaam om zeep zou helpen.
Immers tijden veranderen. Godsdiensten veranderen. En als je echt vertrouwen hebt in de Heer, dan kan er geen verandering in zijn Kerk komen zonder dat het de wil van de Vader is.

De derde optie is een schisma. Er wordt gesproken over een schisma sinds de vroege dagen van het pontificaat van Franciscus. De gesprekken werden minder luchtig ten tijde van de synode en de dubia. Ze worden doodernstig als de beschuldigingen van Viganò worden bevestigd en Franciscus de luwte zoekt. Zelfs dan blijft het een van die kleine kansen, een van die ondergangscenario’s waarvoor iedere katholiek bidt dat ze niet zullen passeren.

De vierde optie is verzet. Wij zijn alleen op dit ogenblik want de krachten die hebben samengezworen om Franciscus op de troon te krijgen, hebben al decennialang geweigerd de Kerk te verlaten, zelfs al waren hun wensen en verlangens in strijd met haar leer. Ondanks het feit dat de katholieke Kerk hun voorkeuren als verkeerd afwees, bleven ze allemaal aan de Kerk vasthouden: de Zuid-Amerikaans bevrijdingsbeweging, de Duitse kardinalen die het huwelijk wilden herzien, en de Amerikaanse progressieven die nooit een kwestie van sociale gerechtigheid tegenkwamen waarvan ze niet hielden. Uiteindelijk hebben ze zich georganiseerd. En na een generatie van orthodox pausschap waarin de meeste Amerikaanse katholieken vergeten waren dat er zelfs maar een radicale kant van het geloof bestond, werkten zij samen om Franciscus te kiezen. Organisatie werkt, als je het spel op lange termijn wilt spelen en speelt op blijven. Dus katholieken kunnen zorgen dat  bisschoppen zoals Wuerl, Cupich en Tobin geen geld meer krijgen. Geen cent meer voor welke kerk ook in elk bisdom waar een bisschop aan het hoofd staat die weigert de misbruikplegers en hen die het misbruik faciliteren, uit te roeien. De bisschoppen die met deze dingen niets te maken hebben, kunnen beginnen zich te organiseren voor het volgende conclaaf door mogelijke kandidaten te vinden en door de basis te leggen voor de verkiezing van de volgende paus.

En dan als de slinger uiteindelijk de andere kant op gaat – al is het volgend jaar of over 40 jaar – kunnen orthodoxe katholieken uit deze jaren nuchtere lering trekken over macht. En drijf, noch met boosaardigheid noch met barmhartigheid, mannen als Cupich, Tobin en Wuerl de zee in en reinig de Kerk van iedereen die gelooft dat klimaatverandering een belangrijker zaak is dan het misbruik van katholieken door de clerus.

Geen van deze werkwijzen is aantrekkelijk; elk ervan leidt tot een Kerk die in het beste geval verzwakt is en in ergste geval verlamd.

Anderzijds de Kerk heeft Caligula overleefd, de builenpest, het derde rijk, het Gather gezangboek en de autoharp. Zij zal ook McCarrick, Wuerl en Franciscus overleven. Maar vuurproeven zijn zelden fijne belevenissen voor hen die er midden in zitten en een groot aantal zielen zullen wellicht in de overgang verloren gaan.
Die mensen hebben veel te verantwoorden.

Vertaling: C. Mennen pr

De katholieke Kerk valt uit elkaar.
Hier zien we waarom

Jonathan V. Last
Hieronder een stuk van Jonathan List in The American Conservative, een seculier medium. Hij beschrijft hier de misbruikzaak in de Kerk binnen de bredere context van het pontificaat van Franciscus, wat volgens Last een project is van vergrijsde progressieven die de macht gegrepen hebben (Sankt Gallen Maffia) terwijl het merendeel van de orthodoxe katholieken en het overgrote deel van de jonge priesters aan de kant staan. De paus zal de misbruikzaak niet aanpakken omdat dit zijn eigen positie in gevaar brengt. De top van de Kerk zal er niet op aandringen omdat dan het liberale project van Franciscus in gevaar komt. Enfin, leest u maar.