DE AANVAL OP HET PRIESTERSCHAP KOMT IN EEN KRITIEKE FASE


Artikel op “Katholisches” van 3 november 2017 door Giuseppe Nardi

Een geconcentreerde berichtgeving in de media signaleert dat het in zake de afschaffing van het celibaat serieus wordt. Officieel is er sprake van een Bijzondere Synode voor het heel Amazonegebied die door paus Franciscus in oktober 2019 bijeengeroepen is, maar iedereen weet waarom het werkelijk gaat en velen zeggen dat ook heel openlijk. Als tegenwoordig op de verpakking “Amazonegebied” staat, dan zit er gehuwd priesterschap en priesterschap voor de vrouw in. Daarbij zal het priesterschap voor de vrouw tenslotte dezelfde rol spelen als de homoseksualiteit bij de gezinssynode. Het zal worden genoemd maar dan zal men het laten vallen om het hoofddoel niet in gevaar te brengen.

Erwin Kräutler in The Tablet

Het progressieven Britse weekblad The Tablet gaf de gepensioneerde Oostenrijkse missiebisschop Erwin Kräutler op 31 oktober alle ruimte om zijn loftrompet op paus Bergoglio te steken en om de eis voor afschaffing van het priestercelibaat te ventileren. Dat is, volgens Kräutler het doel van de Bijzondere Synode voor het Amazonegebied, waarvan paus Franciscus heeft aangekondigd dat ze bijeengeroepen zal worden. Kräutler, een missionaris van het Kostbaar Bloed, sinds jaar en dag een lieveling van linkse politici en kerkvijandige media, sprak de hoop uit dat de bijzondere synode “zal leiden tot toelating van gehuwde mannen tot het priesterschap en tot diakonessen.” Het artikel is van de hand van Christa Pongratz-Lippitt, de in Wenen woonachtige Oostenrijk-correspondent  van de Tablet, die echter ook in andere progressieve bladen publiceert. De bijzondere synode voor het Amazonegebied “bewijst de vastbeslotenheid van Franciscus de bisschoppelijke collegialiteit te versterken”, aldus Kräutler die van 1981 tot zijn emeritaat in 2015 prelaat van de territoriale prelatuur Xingu in de Amazone was. Kräutler kent al het resultaat van de bijzonder synode en geeft ook al de argumentatie waarom de synode zo en niet anders kan verlopen: “De Kerk kan op de uitdagingen voor het Amazonegebied niet van boven af met autoritaire oplossingen antwoorden”. Het kerkelijk leergezag heeft nu eenmaal niet voor iedere uitdaging “a priori” antwoorden klaar, aldus de vroegere territoriale prelaat, die meer vanwege zijn inzet voor het regenwoud bekend werd dan vanwege zijn trouw aan het door hem genoemde kerkelijke leergezag.

De geconstrueerde “uitdaging”

Kräutler schermt met feit dat er te weinig priesters voor een groot gebied zijn. Zijn territoriale prelatuur geldt als het grootste bisdom ter wereld, maar dat is alleen wat de oppervlakte betreft. De Amazone is weliswaar groot maar ook zeer dun bevolkt. Op een gebied dat bijna zo groot is als de vroegere Duitse Bondsrepubliek, hoeft slechts voor 330.000 katholieken gezorgd te worden. Daarvoor staat 30 priesterster beschikking.

* De bereidheid van Braziliaanse priester om het oerwoud te werken is zeer beperkt.
* De oerwoudindianen kunnen niet tot het priesterschap worden toegelaten vooral vanwege het celibaat dat daarvoor nodig is.
* De vertegenwoordigers van de “geest van het concilie” staan zelf oplossingen in de weg, omdat zij een nationaal gekleurde evangelisering zonder inzet van buitenlandse missionarissen propageren.

Dat heeft kardinaal Hummes (88 j.) eind van de zomer gezegd. Toen werd het voorstel gedaan om als oplossing van het priesterprobleem in het Amazonegebied de missiecongregaties om allemaal twee priesters te sturen. “Nee, nee”, blafte Hummes, “dat wil de paus niet”, want sinds het Tweede Vaticaanse Concilie moet ieder land zichzelf evangeliseren. Dat volgens deze logica Erwin Kräutler nooit bisschop  van Xingu had mogen worden en al decennia geleden zijn koffers had moeten pakken en naar Oostenrijk had moeten terugkeren, wordt noch door de kardinaal noch door Kräutler aan de orde gesteld. Door Hummes werd iets dergelijks ook nooit geëist.
Kräutler is de best bondgenoot van Hummes in de strijd tegen het celibaat. Beiden zijn drijvende krachten achter “Amazonewerkplaats” waar gezocht wordt naar “alternatieve” vormen voor het priesterschap. De voornaamste trefwoorden  “inlandse clerus” en “gemeenschapspriesters”. Wie ondanks alle aangelegde rookgordijnen probeert te zien waar het om gaat, ziet dat alle activiteiten terug te brengen zijn tot twee oude eisen uit de zestiger jaren, hoe ze ook verpakt  en verhuld zijn: nl. de afschaffing van het priestercelibaat en het priesterschap voor de vrouw.

Progressieven zoeken niet alleen foutieve oplossingen maar zijn zelf deel van het probleem.

We dienen nog een punt te vermelden. De vertegenwoordigers van de zogenaamde geest van het Concilie zoeken niet alleen foutieve oplossingen voor een probleem maar zijn zelf deel van het probleem. Paus Benedictus XVI had het Kräutler in 2012 gezegd maar dat heeft hem niet tot nadenken gestemd maar hem alleen maar kwaad gemaakt. Benedictus XVI vroeg van de toen nog residerende missiebisschop om op het priestergebrek waarover hij klaagde te reageren met gebed. “Zo werkt dat niet bij mij”, zei Kräutler nog twee jaar later in een interview met de Salzburger Nachrichten.
Dat de hele kwestie in verband met het Amazonebekken aangezwengeld wordt is daarbij toevallige aankleding. Met de eigenlijke kwestie heeft dat niet echt iets te doen. Het gebrek aan priesters in de Amazonas is complex, maar in het concrete geval geconstrueerd. Het Amazonegebied wordt misbruikt om een wereldwijd voorwendsel te hebben. De kwestie wordt dus ook niet door de oerwoudindianen naar voren gebracht maar door progressieve, Westerse kerkelijke kringen die door de keuze van paus Franciscus hun uur weliswaar laat maar toch nog gekomen zien. Het voornaamste gestook komt uit het Duitse spraakgebied. Kräutler is een Oostenrijker, Fritz Lobinger een Beier, Claudio Hummes een kleinkind van Duitse immigranten. In het Duitse spraakgebied bevinden zich de meeste kerkelijke hiërarchen, die liever vandaag dan morgen het celibaat aan de vergetelheid zouden prijsgeven. Het spectrum gaat van de voorzitter van de Conferentie van Hoegere Oversten van de Mannelijke religieuzen in Oostenrijk, Oud-abt Christian Heidinger tot de aartsbisschop van Brussel, Jozef de Kesel.

Verwrongen weergave en beknopte argumentatie

Het Lamento dat Christa Pongratz-Lippit Kräutler in de Tablet laat aanheffen, is sinds jaar en dag uit zijn mond bekend. De oerwoudindianen zouden van de eucharistie “beroofd” worden om de weinige priesters de wijd verspreide, kleine dorpsgemeenschappen maar zelden kunnen bezoeken. Kräuter construeert een soort “discriminatie”. Impliciet, zo mag men aannemen, zijn “boze”, “conservatieve”en “reactionaire”katholieken en kerkelijke kringen er de schuld van dat de oerwoudindianen maar zelden het Lichaam van Christus kunnen ontvangen.  Dat het capillaire net van parochies in het Oostenrijk van Kräutler zich ook pas in vele eeuwen ontwikkelde en pas zijn hoogtepunt in de 19de eeuw bereikte, verzwijgt hij. Vele eeuwen was het voor de christenen in Europa vanzelfsprekend, dat ze een lange weg naar de plaats van de Mis moesten afleggen. De luxe in iedere plaats een priester te hebben, is een verschijnsel van de nieuwe tijd en omvat maar een relatief korte tijd in de hele kerkgeschiedenis. Volgens het gebod van de Kerk hoefde je daarom nooit meer als tenminste eenmaal per jaar de heilige Eucharistie te ontvangen. Dit hiaat in de wijze van voorstellen is geen toeval maar karakteristiek. Alles wat niet overeenkomt met het nagestreefde doel, wordt weggelaten. En nog eens: het eigenlijke doel is veel meer Europees dan Braziliaans: het gaat erom het celibaat dat in liberale kringen gehaat wordt, kwijt te raken.

Celibaat: wezenlijk kenmerk van het priesterschap en bewijs voor de ware Kerk van Jezus Christus

Toch is het priestercelibaat, ook dat wordt door Kräutler verzwegen, een bewijs dat de Rooms-Katholieke Kerk de ware Kerk van Jezus Christus is. Modernistische kringen kunnen  gemakkelijk van deze claim afzien omdat hen daaraan vanwege de oecumene niets gelegen is. Integendeel zelfs. Voor de waarheidsvraag is dit punt wel degelijk van betekenis. De Rooms-katholieke Kerk is de enige werkelijkheid die het priesterschap in zijn zuiverste vorm bewaard heeft. Daarbij gaat het ook hier om het beleefde voorbeeld van Jezus Christus, die nu juist ongehuwd bleef en de bijzondere betekenis van het celibaat zelfs uitdrukkelijk naar voren bracht: “Wie het vatten kan, die vatte het.”

De oriëntaalse en orthodoxe kerken hebben weliswaar het wijdingssacrament bewaard, maar konden het voor het priesterschap constitutieve celibaat maar deels volhouden. Bisschoppen en monniken leven celibatair. Wie al vóór zijn wijding huwt, kan voor het seculiere priesterschap tot de wijding worden toegelaten. Zo iemand kan echter geen bisschop worden. Sterft de vrouw of verlaat zij de man, dan kan ook een seculier priester niet meer trouwen. Het gevolg is dat in de Oosterse Kerk de seculiere clerus bijna altijd gehuwd is. Omgekeerde groepsdwang.

De protestanten van alle denominaties hebben het wijdingspriesterschap totaal verworpen. Des te absurder is het dat zij nu juist het voorbeeld zijn voor oud-zestigerjaren-beweging in de katholieke Kerk. Daaruit volgt, dat het minder om de protestanten of de orthodoxen gaat dan om de seksualiteit. Sinds de seksuele revolutie beheerst de seksualisering de maatschappij. Kuisheid en celibaat worden als anachronismen voorgesteld. In de Kerk lijden velen onder deze druk van de wereld in plaats van daarin een kans te zien het “totaal andere” tegenover de wereld gestalte te geven.

De seksualiteit op zich is natuurlijk voor de mensen een permanente uitdaging. Dat is niet alleen een probleem voor de mens van vandaag. De Kerk moet steeds weer worstelen met stromingen die open of stiekem het celibaat willen afschaffen. Zij kon zich echter in de afgelopen 2000 jaar steeds weer doorzetten.

Door de reformatie van Luther waren er ook in de Duitse bisdommen nauwelijks nog celibatair levende priesters. Ook dit feit kan aan de snelle uitbreiding van de reformatie hebben bijgedragen, omdat het ontbrak een geestelijke afweerkrachten. Door de katholieke vernieuwing en verbeterde priesteropleiding werd dat probleem binnen 40 jaar bijna volledig verholpen.

Zwakke verdediging van het priestercelibaat

In het Duitse spraakgebied werkt de Kerk op dit punt weinig geloofwaardig omdat de progressieven ongegeneerd de afschaffing van dit constitutief element van het priesterschap eisen, terwijl zij die het celibaat moeten verdedigen, met name de bisschoppen, dat weinig overtuigend en zeker niet kordaat doen. Ook paus Franciscus sprak in het verleden ook al de mistige taal van deze weinig gemotiveerde en misschien ook te weinig overtuigde Herders. De uitspraak uit zijn mond, dat het celibaat voor hem persoonlijk geen probleem is, geeft alleen maar een persoonlijke ervaring weer maar zegt daarmee niets over de juistheid van de zaak. Het priestercelibaat verdient dringend een duidelijker verdediging die op het wezen ervan ingaat. Kräutler blijft ook op hoge leeftijd schatplichtig aan oude denkmodellen van de kerkelijke zestiger-jaren-beweging en resistent tegen alle argumenten zoals zijn vele uitspraken in de afgelopen vier jaren laten zien. Dominant lijkt een typisch links denken dat “structurele” antwoorden zoekt op “uitdagingen” die zich aandienen. Deze linkse methode, gepaard aan progressief denken, laat op de uitdaging van het priestergebrek maar één antwoord toe: de afschaffing van het priestercelibaat en de toelating van de vrouw tot het wijdingssacrament. Daarmee zou tegelijk recht gedaan worden aan de seksuele revolutie en aan het feminisme. De zoektocht naar het wijdingssacrament, die altijd een zoektocht is naar het wezen der dingen, vraagt echter meer dan het antwoord dat op het moment het doelmatigst lijkt.

Op het huwelijk volgt het celibaat: Franciscus en de herhaling van de scenario’s.

Het staat vast dat paus Franciscus de Amazone-werkplaats van Kräutler en Hummes ondersteunt. Zoals reeds bij het huwelijkssacrament werd door hem een “proces” in beweging gezet dat zich volgens hetzelfde patroon moet ontwikkelen. De rol van kardinaal Kasper wordt in de nieuwe editie door kardinaal Hummes en bisschop Kräutler overgenomen. De synode is opnieuw een vehikel waarmee een “open” discussie (achter gesloten deuren)  geveinsd moet worden, terwijl in werkelijkheid het resultaat al lang vast staat. Aan het eind zal, afhankelijk van de mate van tegenstand, een dubbelzinnig postsynodaal document volgen dat door progressieve en papistische kringen uitgelegd wordt op de manier die door paus gewenst maar nooit uitgesproken wordt. Het gevolg zal de volgende interpretatiechaos zijn, zoals de Kerk die nu al door Amoris Laetitia beleeft. De tegenstand kan in dit geval zelfs duidelijk kleiner zijn, omdat aan de synode alleen bisdommen deelnemen die in het Amazonegebied liggen. Het grootste deel daarvan ligt in Brazilië. Zoals bekend is het Braziliaanse episcopaat in een tamelijk deplorabele toestand en bevindt zich ergens tussen een deels gebrekkige opleiding, progressief denken en bevrijdingstheologische afbraak.
Het Duitse weekblad Die Zeit roerde op 26 oktober de reclametrom voor de toelating van gehuwde priesters. Een petitie daarvoor ligt op he bureau van paus Franciscus. Bisschop Kräutler is een van de ondertekenaars.

De voorspelde choreografie

Deze choreografie werd door de Vaticanisten Sandro Magister en Marco Tosatti al in 2016 voorspeld. De petitie levert aan Franciscus de rechtvaardiging om te kunnen beweren dat hij alleen maar reageert op een “roep uit het volk”. Hetzelfde melodrama heeft de paus in scene gezet aan het begin van de eerste bisschoppensynode, toen hij aan de vooravond van de synode de synodalen opriep te luisteren naar “de kreet” van het volk, die zou betekenen dat hertrouwd gescheidenen tot de sacramenten moesten worden toegelaten.

Gisteren volgde het Italiaanse dagblad Il Messagero met een uitvoerig artikel ten gunste van de afschaffing van het celibaat. Bij het dagblad  is werkzaam Franca Giansoldati, een sympathieke maar geharnaste Bergogliaanse. Zij bevestigde het bericht van Die Zeit, dat “op de tafel van Bergoglio” het verzoek van de Braziliaanse bisschoppen ligt om “de deuren te openen voor gehuwde priesters”. Gansoldati beroept zich niet op Kräutler maar op de andere grote voorstander van de afschaffing van het celibaat: kardinaal Claudio Hummes. Hummes hoort ook tot de voorvechters van het priesterschap voor de vrouw en tot degenen die zich onder Benedictus XVI, na een reprimande uit het Vaticaan, goed wisten aan te passen. In het conclaaf van 2013 was hij een luidruchtige supporter van kardinaal Bergoglio, aan wie hij – volgens eigen zeggen – de naam Franciscus aanbevolen heeft.

Testroute in Brazilië zou vooruitlopen op een verandering voor de clerus

De geconcentreerde berichtgeving in de media signaleert dat de kritieke fase begonnen is. In het spraakgebruik valt daarbij op dat het celibaat bewust naar de achtergrond verdwijnt. Dat wordt nauwelijks vermeld. Het lijkt daarbij om een strategische beslissing te gaan. In Plaats daarvan geeft men de voorkeur aan van “gehuwde priesters” te spreken. Blijkbaar moet daarmee reflexmatige tegenstand tot een minimum beperkt worden. Heel open schreef Giansoldati gisteren over de Amazonas en de Braziliaanse eis: “De testroute in Latijns-Amerika zou op een verandering voor de clerus kunnen vooruitlopen.” De weg wordt helder geschetst en zo welluidend mogelijk gepresenteerd: “De formule waaraan gedacht wordt, is die van de ‘viri probati’: gehuwde mannen van beproefd geloof.”

Om kritiek tegen te gaan worden twee argumenten aangevoerd. Giansoldati citeert daarvoor Giacomo Canobio, de voorzitter van de Italiaanse Theologenvereniging. De argumenten zijn zeker zo oud als de postconciliaire discussie zelf:

* Het priestercelibaar dat niet vermeld maar wel bedoeld wordt, is “geen leerstellig dogma”. Daarmee denkt hij de vraag naar het wezenskenmerk van het priesterschap al te kunnen afkoppelen. Daarmee wil men zich helemaal niet bezig houden.

* Het priestercelibaat wordt helemaal niet afgeschaft. Iedereen die het wil, kan verder voor een celibatair leven kiezen

Tenslotte wordt door Canobio – zonder bewijs – beweerd:
“In Latijns-Amerika hebben veel priesters een gezin. Zij kunnen dan uit de illegaliteit komen.”
Dit argument is perfide omdat het naar believen kan worden ingezet. Interessant daaraan is de verwijzing naar Latijns-Amerika, terwijl het eerlijker zou zijn naar Europa te verwijzen, minstens naar het Duitse spraakgebied. De voorstanders van de afschaffing van het celibaat willen echter liever de aandacht van zichzelf afleiden omdat zij zelf kwetsbaarder zijn. Daarenboven zou men, als men weet heeft van de werkelijke drijvende krachten op de achtergrond, het hele spektakel gemakkelijk te doorzien zijn. De verplaatsing naar het in alle opzichten verre Amazonegebied moet als een objectivering werken, die het echter niet is.

Giansoldati laat duidelijk zien dat de Amazone slechts een voorwendsel voor een veel grotere operatie is en dat de eigenlijke belanghebbenden van een dergelijke ontwikkeling totaal ergens anders zitten. Woordelijk schrijft ze: “Het mogelijke besluit van de paus tot ‘viri probati ad experimentum’ voor de regio kan een precedent scheppen en andere geïnteresseerde episcopaten zoals Duitsland, België, Oostenrijk, Tsjechië aanleiding geven er eveneens om te vragen, en daarmee een binnenkerkelijk debat op gang brengen.”

Vertaling C. Mennen pr

Pastoor C. Mennen
e-mail: info@mennenpr.nl
cui resistite
home

liturgie

getijdengebed
preken
voordrachten

vrijmoedig commentaar

ons geloof

documenten